Onverwacht nieuw leven in het landschap

Gisterenmorgen was het treurigheid alom. De regen kwam met bakken tegelijk loodrecht naar beneden. Op zich niet verkeerd, want de natuur kan wel wat nattigheid gebruiken. Het voorjaar is opmerkelijk droog. Goed nieuws voor de pompoenen, want er zijn weinig slakken. De afgelopen weken hebben we meer water gegeven dan slakken geraapt. Gelukkig.

Daisy met lam

Nadat de regen was opgehouden gisterenmiddag ging ik even kijken of de schapen nog niet verdronken waren. Aangekomen bij de schapenweide dacht ik in een flits: “Wat zijn de lammeren nog klein. Het lijkt wel of ze gekrompen zijn!” Ik keek nog eens goed, wreef in mijn ogen en vroeg mij af of er sprake was van een optische illusie. Ik liep nog verder naar het hek en kwam tot de conclusie dat er een nieuw lammetje geboren was. Daisy, een van de jaarlingen, liep met een kleintje. Ongelooflijk want we wisten niet dat ze drachtig was.

Op 26 februari hebben wij onze zeven schapen gekregen. We wisten dat Camilla drachtig was, dus waren niet verbaasd toen zij op 25 april twee lammeren ter wereld bracht. In de 2,5 maand zijn de lammeren al behoorlijk gegroeid, vandaar mijn verwarring. Maar voor ons was het totaal onbekend dat een van de andere schapen, allemaal geboren in het voorjaar van 2016, drachtig was. Dat was niet de bedoeling. Terugrekenend met een draagtijd van 150 dagen moet ze net voor de verhuizing gedekt zijn. Volgens de vorige eigenaar is het waarschijnlijk de vader van de jaarlingen geweest. Inteelt dus. Beetje jammer, maar het kleintje lijkt gezond.

Ruim twee weken geleden zijn de schapen geschoren. Zo zonder ‘winterjas’ leken het maar kale scharminkels, net geiten. We hebben er wel even over moeten gniffelen hoe ze eruit zagen. Maar hoe dik of dun ze eruit zouden moeten zien hadden wij geen idee van. Dat het ene schaap wat voller uit de ‘winterjas’ was gekomen viel wel op maar deed geen belletje rinkelen.

Achteraf herinner ik mij dat het mij wel een keer was opgevallen dat een van de schapen een nadrukkelijk buikje had, “lekker veel gegeten” was het enige dat ik dacht. Dat bij een aantal jaarlingen ook al flinke uiers zichtbaar waren deed bij ons als onervaren schapenhouder ook geen bellen rinkelen. Immers meisjes krijgen op zekere leeftijd ook borsten terwijl ze niet zwanger zijn. Toch?

Deidre met lam

Mijn man wist ook niet wat hij zag. Tijdens het eten verbaasden wij ons er over dat het ons niet eerder was opgevallen. Een telefoontje naar de vorige eigenaar leidde ook slechts tot verbasing. Na het eten gingen we nog wat foto’s maken. Mijn man aan de ene kant van het veld en ik aan de andere kant. En weer had ik het gevoel van een optische illusie. Waarom stond hij aan de overkant te fotograferen terwijl het lammetje voor mijn neus lag? Weer moest ik in mijn ogen wrijven om de werkelijkheid tot mij door te laten dringen. Er was een tweede lammetje! Nu bij Deidre, de jaarling zonder hoorns. We waren lichtelijk geschokt.

Nadat wij goed en wel bekomen waren van de verrassende gebeurtenis hebben wij de andere jaarlingen maar eens wat nadrukkelijker bekeken. Er is er nog eentje bij die ook wat dikker is dan de rest met vollere uiers. Gaat het nog een lammetje opleveren? We weten het niet en gaan het zien.

Zwaluwnestje

Ondertussen was mijn man de schuilhutten van vers stro aan het voorzien. Op zeker moment stak hij zijn hoofd uit de hut en riep: “Jolanda, kom eens kijken”. “Is er al weer een derde geboren?” schoot er door mijn hoofd. Dat was niet het geval. Hij wees op een hoek van de schuilhut en ik ging wat dichterbij en stond oog in oog met een zwaluwnestje vanwaar vier kopjes mij aankeken. Nog meer verbazing! Dat wij dat ook al niet hadden opgemerkt, terwijl wij de schapen tijdens het scheren in dat hok hadden ondergebracht. Het nest is goed gecamoufleerd, alleen door de nieuwsgierige kopjes viel de camouflage weg. Wat is de natuur toch bijzonder.

Bij gebrek aan beschuit met muisjes hebben we maar een biertje gedronken op het nieuwe leven.

Advertenties

Darwin kreeg weer gelijk

In mijn vorige blogje beschreef ik het hachelijke avontuur van een boerenzwaluwpaartje dat zijn nest aan het bouwen was in onze schuur. Sinds door het warme weer aan het begin van de maand de deuren van onze schuur een aantal dagen wagenwijd open hadden gestaan, hadden zij hun domicilie in onze schuur gevonden. Geen goed idee, want ’s nachts en veelal ook door de week zijn de schuurdeuren dicht en kunnen ze dus niet in- en uitvliegen. Maar dat was nog niet eens het allerergste. Onze schuur is namelijk het domein van twee monsters: onze beide katten.

Zo ongeveer ziet het nets eruit.

Zo ongeveer ziet het nets eruit (foto: Afanja)

De zwaluwen lieten zich niet tegenhouden en al snel kregen we in de gaten dat ze een nest aan het bouwen waren tegen de nok van het dak. Gelukkig veilig veraf van onze katten. Zo af en toe zat een van de vogels al in het nestje. Hoe lang nog voor ze eieren gingen leggen en uitbroeden? vroeg ik mijzelf af. Ik keek er al naar uit. Iedere morgen werd ik begroet door een vrolijk gekwetter alsof ze zeggen wilden: Doe gauw de deur open want dan kunnen we eten en het nest verder afbouwen.

Helaas het is niet goed afgelopen met ze. Deze week kwam ik ’s avonds thuis en terwijl de garagedeuren automatisch achter mij dicht gingen vloog ineens het zwaluwpaartje in de garage. Een van onze katten, altijd alert op indringers in haar territorium, was vliegensvlug aanwezig. Voordat ik kon ingrijpen sprong ze zo hoog – ik wist niet eens dat katten zo hoog konden springen – en plukte een van de twee zwaluwen pardoes uit de lucht. Alsof dat nog niet genoeg was nam ze nog een sprong naar de andere zwaluw en mepte nummer twee zo uit de lucht. Versuft door de mep kon ik deze zwaluw naar buiten zetten, alwaar deze weg vloog.

Als een haas ging onze kat er met de zwaluw vandoor. Even later trof ik haar aan op het gazon. Ze had de zwaluw losgelaten op het gras en met een afleidingsmanoeuvre kon ik de zwaluw te pakken krijgen. Hij leefde nog. Nadat ik hem ergens veilig had neergelegd is de schok of de verwonding hem toch fataal geworden en trof ik hem de volgende morgen dood aan. De andere zwaluw hebben we nooit meer teruggezien.

Nu mis ik al een aantal dagen het vrolijke gekwetter als ik ’s morgens in de schuur kom. De natuur is wreed en meedogenloos en alleen de slimste overleven.

 

Darwin in de bocht

Met de komst van het mooie weer huizen er twee zwaluwen in onze schuur. Dit stelletje bracht duidelijk wel de zomer mee. Luid kwetterend zitten ze helemaal boven tegen het dak. Het moeten wel boerenzwaluwen zijn want dat is de enige soort die zijn nest bouwt in boerenschuren. Niet voor niets dat hij in het Engels Barn Swallow wordt genoemd.

Foto: vogelsiteharen.nl

Foto: vogelsiteharen.nl

Toch is het een hachelijk avontuur dat deze zwaluwen aangaan want onze schuur is het territorium van onze twee katten. En die zijn niet voor de poes. Geregeld treffen wij op de mat, als wij ’s morgens de bijkeuken uitkomen, de overblijfselen van een vogel aan. Vaak een kool- of een pimpelmeesje. Met een vleugje verdriet denk ik bij het opruimen van de overgebleven veren: “Had hij maar niet zo dom moeten zijn om in de schuur te gaan zitten”.

Vorig jaar bouwden een merelpaartje een nest in een struik naast de schuur. Niets mis mee, dat is wat merels doen, maar om dat nest nu onderin de struik aan te leggen getuigt niet van intelligentie en overlevingsdrift. Binnen no time hadden onze katten het nest in de gaten en waren de mereljongen een lekker hapje voor ze. Helaas werd Darwins theorie bevestigd. Als je sterk en slim bent krijg je nageslacht anders is het einde oefening.

Maar de zwaluwen maken het zich ook niet gemakkelijk. In het weekend staan de schuurdeuren meestal de hele dag open, maar door de week als wij allerlei andere dingen aan het doen zijn is dat niet het geval. Hoe moeten ze in en uit de schuur om het nest te bouwen en voedsel aan te voeren als de deuren dicht zitten? We laten toch echt de deur niet open als wij weg zijn. Ook een kwestie van Darwinisme?

Vanmorgen aan de ontbijttafel zei mijn man: “Ik ben bang dat een van de zwaluwen is opgegeten”. Niet fijn natuurlijk om dat te vernemen op je nuchtere maag met het slaap nog in je ogen. Gelukkig was hij zo wijs geweest om de overblijfselen al weg te doen. Na het ontbijt ging ik de schuur in om voer te halen voor de kippen. Door een alleraardigst kwetterend geluid werd ik begroet. Het zwaluwpaartje zat gezellig in de nok van de schuur. Met een zucht van verlichting deed ik de deur van de schuur maar een tijdje open. Het is even schipperen de komende weken. Zo af en toe moet je de natuur een handje helpen.

De zwaluwen in de schuur

Als je goed kijkt zie je de zwaluwen in onze schuur zitten