Regelzucht van de overheid in de schapenhouderij

Er is zo veel gebeurd dit jaar dat ik amper de tijd heb gehad om blogjes te schrijven. Het houden van schapen is een geheel nieuwe ervaring en heeft ook heel wat tijd in beslag genomen. Het is een schok om te ervaren hoeveel bureaucratie erbij komt kijken. Wat ik niet aan formulieren heb moeten invullen…. Niet meer te tellen. Je kunt niet zomaar schapen houden, zelfs niet als hobby. Alles wat dieren betreft moet geregistreerd en bijgehouden worden. En dan te bedenken dat Rutte bij zijn aantreden in 2010 beloofde de regelzucht te verlagen.

Mijn schoonvader had een gemengd boerenbedrijf, dat wil zeggen een combinatie van dieren en fruitteelt. Mijn man kan zich niet herinneren dat zijn vader ooit zoveel heeft moeten registreren als wij nu. Natuurlijk moet je de bloedlijnen in de gaten houden wil je gezond nageslacht garanderen. Daar gaat wel wat tijd in zitten. Zijn vader kocht stieren en rammen op een veemarkt. Maar de meeste veemarkten zijn inmiddels opgedoekt vanwege de angst voor uitbraak van ziekten. De computer vervangt tegenwoordig de veemarkt. Maar dan moet er wel geregistreerd worden.

Bij het invullen van het ene document na het andere moest ik ineens denken aan de documentaire over de Deense boer die vanuit idealistisch oogpunt al die rompslomp en inmenging van de overheid weigerde en zijn dieren gewoon dier wilde laten zijn. Zelfs oormerken vond hij geen goed plan. De ene bekeuring na de andere viel hem ten deel vanwege het niet naleven van de regels. De documentaire is het kijken waard.

Als reden voor de registratiezucht geeft de betreffende overheidsdienst aan dat men de kwaliteit van dieren wil garanderen en vooral de uitbraak van ziekten op deze manier onder controle wil houden en bij voorkeur in Nederland volledig wil uitbannen. Alsof een ziekte stopt bij de landsgrens… Maar als je dan denkt dat je weet waar je moet zijn, heeft ieder aspect van de schapenhouderij – en voor andere dieren is het niet anders – weer een aparte overheidsdienst met eigen website, nieuwe contactpersonen, nieuwe inlogcodes en ga zo maar door.

Iedere schapenhouder moet in het bezit zijn van een UBN nummer. Het aanvragen daarvan nam al heel wat tijd in beslag omdat het nieuw was en uitzoekwerk vergde. Daarvoor moet je bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) zijn. Alsof wij willen ondernemen met onze hobby. Daarnaast heeft ieder dier ook nog een uniek levensnummer, dat als oormerk in beide oren moet worden aangebracht. Inmiddels heb ik onze vijf lammeren van die gezellige oorbellen ingegeven. Tang aangeschaft en knippen maar. De eerste keer sta je zelf van spanning wel even te trillen, maar de tweede ging al makkelijker.

Om deel te nemen aan gezondheidsprogramma’s moet je weer ergens anders terecht, te weten de Gezondheidsdienst voor dieren, je moet het maar weten. Gelukkig gaat inloggen tegenwoordig via DigiD, dat maakt het wel iets gemakkelijker. Het deelnemen aan gezondheidsprogramma’s is niet verplicht als je tenminste je eigen veestapel niet wilt uitbreiden. Maar zodra je schapen – met name rammen – wil verhandelen, om inteelt binnen de eigen groep te voorkomen, dan is dat bijna een voorwaarde. De eerste vraag die een koper stelt is of je schaap is goedgekeurd.

“Welkom in de wereld van de veehouderij”, merkte mijn man onlangs op, gevolgd door “hobby’s kosten nu eenmaal tijd en geld.” En inderdaad het kost naast tijd vooral: geld! Voor ieder dier dat geregistreerd wordt moet betaald worden, natuurlijk. Alsof je om de registratie gevraagd hebt! En die verplichte van die lelijke oormerken in en die zijn ook niet gratis. Ach ik troost mij met de gedachte dat iedere hondenbezitter hondenbelasting moet betalen.

Advertenties

Koeien met oorbellen

Een vriend van mij is kunstenaar. Hij schildert geregeld koeien. Dat doet hij zeer waarheidsgetrouw tot aan de oormerken aan toe, hoewel zeer subtiel. Het is net of ze oorbellen dragen, dacht ik bij mijzelf bij het zien van een van zijn laatste werken. We zijn er inmiddels aan gewend dat koeien in de wei lopen met van die gele plastic plakkaten aan hun oren. En nog in ieder oor een. Eigenlijk best wel raar.

Kalf met oormerkIk ben in mijn archief gedoken want ik had ooit een artikel gelezen over de biologisch-dynamische boer Thom de Groot uit Grouw, die weigerde zijn koeien te oormerken. “Het is pijnlijk en respectloos. Ik zie het als pure mishandeling”, zei hij, dus weigerde hij zijn koeien van de gele oormerken te voorzien. Vorig jaar nam de Voedsel- en Warenautoriteit al zijn 12 koeien in beslag om reden van verwaarlozing. “Ja, ze zijn niet al te vet, bij mij krijgen ze wat de natuur biedt, ik voer ze niet bij met krachtvoer. Maar verwaarloosd zijn ze beslist niet. Het is puur omdat ik de oormerken weiger.” gaf hij ter argumentatie.

De Groot is niet de enige oormerkweigeraar. Een groepje van dertig boeren wordt al sinds de invoering in 1991 gedoogd. Om de koeien te verhandelen moeten ze een DNA-monster en een foto aanleveren. Zij pleiten al jaren voor een ander registratiesysteem, bijvoorbeeld een chip zoals bij paarden het geval is. Ook kost het deze boeren jaarlijks veel geld aan melktoeslagen en Europese subsidies die ze mislopen omdat ze niet meegaan in de wettelijke regeling van het oormerken.

Schilderij De Werkhovense Koe van Bert Bijl

Schilderij De Werkhovense koe van E.J. Bijl

Hier is duidelijk sprake van de omgekeerde wereld. Wil je het goede doen voor je dieren, de natuur, de planeet en het milieu dan wordt je gepakt. Ik wordt altijd zo verdrietig van dit soort berichten. Ik hoop maar dat er een andere vorm van registreren komt zodat het dier weer gewoon dier kan zijn zonder die rare oorbellen. Dan kan mijn schilderende vriend gelijk weer aan de slag met nieuwe schilderijen.