Dutch sustainable fashion week 9-18 oktober 2015

Sinds het ontstaan van de Dag van de Duurzaamheid heb ik altijd zelf acties uitgevoerd of aangehaakt bij anderen activiteiten. Maar ik moet nu constateren dat het deze keer een beetje aan mij voorbij is gegaan. Na verloop van tijd treedt er ook een soort moeheid op voor jaarlijkse activiteiten, constateer ik bij mijzelf. Daarbij komt ook dat dit jaar een grote demonstratie plaatsvond op 10 oktober tegen TTIP, het handelsverdrag tussen de EU en de VS. Daar was ik veel meer mee bezig.

Eco fashion (Kuyichi)

Kuyichi

Ondanks dat ik weinig aandacht besteed heb aan de Dag van de Duurzaamheid wil ik hierbij toch aandacht vragen voor een onderwerp wat mij na aan het hart ligt, namelijk duurzame kleding. Tenslotte is dat mijn oude vakgebied. En juist bij het maken van kleding gaat nog steeds veel mis. Of het nu ondeugdelijke fabrieken zijn, slechte arbeidsomstandigheden, kinderarbeid of het gebruik van chemicaliën bij de verbouw van grondstoffen en/of de fabricage, er valt nog een hoop te verbeteren.

Zelf koop ik niet zo veel kleding meer. Het is net als met eten van vlees: koop bewust en als het even kan biologisch en/of duurzaam. Als ik dan wat koop let ik goed op waar het vandaan komt en welke grondstoffen zijn gebruikt. Of ik koop tweedehandskleding, iets wat ik vroeger nooit deed. Maar als ik zie wat voor mooie kleding tweedehands verkrijgbaar is dan zou ik wel gek zijn om veel geld uit te geven aan iets wat ook nog eens heel duurzaam is.

Ik koop zeker niet meer zoveel kleding als ik vroeger. Als ik mijn kast opentrek dan zit die al vol. Ik heb namelijk een constant gewicht en dus maar één maat in de kast hangen. En zo enorm modebewust als ik vroeger was dat is ook wel een beetje over. Het maakt niet zo heel veel uit wat ik draag als het maar lekker zit en praktisch is voor hetgeen dat ik doe.

Veel mensen willen best duurzame kleding aanschaffen, maar weten niet waar ze dat vandaan kunnen halen. Daarom is het nog steeds erg belangrijk om daar aandacht voor te vragen. Er zijn bekende merken die er reclame voor maken maar dat bereikt niet iedereen. Daarom zou het heel mooi zijn als de hele keten van de kledingindustrie duurzaamheid zou adopteren maar voor het zover is is nog een lange weg te gaan. Dus wil je er als consument wat aan doen verdiep je dan in wat er is en koop bij die winkels die daar expliciet aandacht aan schenken.

Om te checken of jouw kleding aan de eisen voldoet zijn de volgende aspecten van duurzame kleding geformuleerd:
1. Een zo laag mogelijke milieu-impact
2. Milieuvriendelijke behandeling van stoffen
3. Fairtrade
4. Diervriendelijke productie
5. Made in Europe
6. Recycle en reuse
Meer hierover lees je op de site van Dutch Sustainable Fasion Week.

Schone kleren willen we toch allemaal!

Waarom is biologisch voedsel zo duur – Dag 290

Alles wat wij zelf kweken is biologisch. Maar niet alles wat wij eten kunnen wij zelf kweken dus moet er nog wel eens een compromis gesloten worden. Bij ons in de plattelandssupermarkt is het assortiment beperkt en dus is er relatief weinig biologisch en fairtrade verkrijgbaar. Hoewel ik de supermarktmanager er geregeld naar vraag, in de hoop dat hij op een dag zijn assortiment aanpast, groeit het aantal biologische en fairtrade producten maar mondjesmaat. Heel bijzonder is het feit dat de enige slager in het dorp een biologische slager is, dus als wij dan toch een keer vlees eten dan weten wij wel waar het vandaan komt. Het alternatief voor verantwoord voedsel is met de auto naar de dichtstbij gelegen stad alwaar een natuurwinkel is, maar parkeren is daar weer lastig.

NatuurwinkelGeregeld raak ik met mensen in gesprek over verantwoorde voeding waarbij het beeld overheerst dat biologisch en fairtrade zoveel duurder is. Ik ben het daar niet mee eens, maar het gaat over prioriteiten stellen. Mensen vinden een doosje verantwoorde eieren van € 1,50 al gauw te duur, maar ze zijn wel bereid hetzelfde te betalen voor een fles cola. Als we door het kopen van fairtrade koffie de boeren in ontwikkelingslanden een zelfstandig bestaan kunnen helpen opbouwen en daarvoor 10 cent meer moeten betalen, is dat dan teveel betaald? Ik vind van niet, ik ben bereid om wat meer te betalen als het met respect voor de mens, de natuur en de planeet geproduceerd is. Het heeft alles met onze blik op de wereld te maken.

Uit onderzoek blijkt dat in Nederland het voedsel over het algemeen helemaal niet zo duur is. Een van de argumenten waarom biologisch voedsel duurder zou zijn is omdat de opbrengst per ha gewoon minder is. Maar daar zet ik weer mijn vraagtekens bij, want onderzoeken niet alleen in Nederland maar vooral ook uit de VS laten zien dat voedsel afkomstig uit de monoculturen eigenlijk veel duurder zijn. Ze worden ten eerste zwaar gesubsidieerd en daarnaast worden niet alle kosten toegerekend zoals milieukosten, gebruik van water, waterzuivering, bodemuitputting en de afbraak van de biodiversiteit.

Dan zijn er ook nog de kosten die de biologische bedrijven moeten maken voor certificering om aan te tonen dat hun producten verantwoord zijn, die de prijs opdrijven. Eigenlijk zouden we het moeten omdraaien en alle bedrijven die niet verantwoord bezig zijn laten betalen voor een niet-keurmerk of een milieuheffing laten betalen tot ze kunnen aantonen het milieu niet te belasten. Dat is toch veel eerlijker?

FairKortom: Als je uitgaat van wat voedsel kost voor de belasting van mens, dier, natuur en de planeet dan zijn biologische producten beslist niet duurder, maar in ons huidige economisch systeem delven ze helaas nog het onderspit.

 

 

De voordelen van zelfvoorzienend worden – Dag 242

Mijn blog is bedoeld om het in beweging zetten van ons permacultuurproject met als uiteindelijke doel om geheel zelfvoorzienend te worden. Dat betekent enerzijds voorzien in eigen voedselbehoefte en daarnaast het opwekken van energie die nodig is om ons huishouden en project draaiende te houden. Als wij het meeste wat wij nodig hebben om te kunnen leven zelf kunnen produceren of in ieder geval lokaal kunnen betrekken en we dus minder uit de winkel hoeven te halen dan zijn er veel minder vervoersbewegingen nodig, dus is dat beter voor de natuur. Daarmee komen wij ook aan onze ambitie tegemoet om onze voetafdruk zo klein mogelijk te maken.

FTG koffieOf deze manier van voedselproductie goedkoper zal zijn dan alles gewoon in de winkel kopen kan ik niet zo zeggen, dat kunnen wij pas ervaren als we er mee bezig zijn, de landbouw is zo geavanceerd daar kunnen wij niet tegenop. Toch hoop ik dat velen ons voorbeeld gaan volgen en dat er meer lokaal en regionaal geproduceerd gaat worden. Hiermee wordt de voedselketen namelijk verkort. Nu blijft er door de lange keten veel marge in de tussenhandel zitten en krijgen de boeren relatief weinig voor hun producten. Als dat verbetert kunnen boeren aandacht geven aan milieubeheer en dierenwelzijn.

Een van de voorwaarden bij het zelfvoorzienend worden is dat we voor een groot gedeelte moeten eten wat het seizoen biedt. Dat is een hele zoektocht. Ook moeten we ons verdiepen in methoden om voedsel langer te bewaren zodat er in de winter ook nog wat te eten valt. En hoe zit het met producten als rijst, koffie, thee en chocolade om nog maar eens wat te noemen. Ook daarvoor zijn allerlei vervangende producten. En dan heb ik het alleen nog maar over voeding en nog niet over de energie die we gebruiken. Daarvoor komen steeds meer kleinschalige toepassingen op de markt.

FTG chocoladeQuinoa is een vervanger voor rijst, brood en pasta. Normaal gesproken groeit quinoa niet op Nederlandse bodem maar zoals ik al beschreef in een eerdere blog wordt er hard gewerkt om een quinoasoort te ontwikkelen die hier wel goed gedijd. De eerste proeven zijn hoopgevend. Voor chocolade zie ik nog geen goede vervanger. Voor koffie daarentegen zijn surrogaat oplossingen, maar daarvoor moet je wel de smaak van koffie volledig uit je hoofd zetten en vervangen door een heel andere smaaksensatie.

Thee vervangen is geen enkel probleem, ga de natuur in en pluk kruiden die je tegenkomt voor het lekkerste kopje kruidenthee. Zelf kweken kan natuurlijk ook. En wat koffie, chocolade en rijst betreft daarvoor kunnen wij een eerlijke prijs betalen waardoor we boeren in ontwikkelingslanden ook een goed bestaan geven (een beetje reclame maken moet kunnen, toch?).

Kortom er komt nogal wat bij kijken om zelfvoorzienend te worden en vergt nog heel wat studie. Maar voor het veranderen van gewoonten kunnen we vandaag al beginnen.

 

Het ondoorzichtige woud aan keurmerken – Dag 208

Alles wat ik zelf kweek doe ik volgens strenge normen, hoewel ik geen certificering heb op mijn producten. Daarover schreef ik gisteren al. Mijn oogst is namelijk te klein om de hoge kosten voor een keurmerk te rechtvaardigen. De vraag naar duurzame voeding groeit nog iedere dag en de consument kijkt steeds nadrukkelijker naar keurmerken voor voeding. Maar de keuze voor verantwoord voedsel wordt ook weer ingewikkeld door de hoeveelheid verschillende keurmerken die er zijn.

KeurmerkenVoor biologische voeding houdt het niet op bij het EKO-keurmerk van Skal en Demeter voor BD, in het buitenland en op Europees niveau worden ook biologische keurmerken uitgegeven. Kijk alleen al eens naar de verschillende soorten eieren die er zijn. Zo zijn er scharreleieren, biologische eieren, vrije uitloopeieren, meergraneneieren en eieren met een graskeurmerk. Kun jij er nog wijs uit worden?

Op de volgende site zie je er een aantal op een rij: http://www.voedingswaar.nl/keurmerken.htm Maar ook voor vlees zijn weer bepaalde keurmerken. In het overzicht komt ook Max Havelaar voor dat een keurmerk is voor Fair Trade en dan hebben we ook nog Fair Trade Original wat eigenlijk een handelsmerk is. Maar ook op dit vakgebied ontstaan nieuwe keurmerken die claimen een eerlijke prijs te betalen aan boeren zoals: UTZ of Oké. En dan zien we ook nog het Rainforest Alliance keurmerk. Ik kan het zelf al bijna niet meer volgen, laat staan goed uitleggen waar de verschillen zitten.

Het keurmerk dat ik mis in de meeste overzichten is het keurmerk voor vis dat betreft het Marine Stewardship Council (MSC), wat garant staat voor duurzaam gevangen vis. Binnenkort komt er ook het ASC keurmerk bij voor duurzaam gekweekte vis en schelp- en schaaldieren. En natuurlijk zijn er ook nog de non-food keurmerken zoals Forest Stewardship Council, dat we natuurlijk kennen als FSC voor bijvoorbeeld papier, waarmee wordt aangegeven dat er niet lukraak bomen gekapt worden maar dat het verantwoord en gecontroleerd gebeurt met respect voor de natuur en de planeet.

Kortom: we kunnen als consument gemakkelijk de weg kwijt raken in het woud van de keurmerken, maar het maakt het leven voor de producenten er ook niet makkelijker op. Eigenlijk is het hier de omgekeerde wereld. Het zou veel eerlijker zijn als producten die belastend zijn voor het milieu een keurmerk moeten aanvragen. Een keurmerk kost namelijk veel geld en heel wat inspanning om het te verkrijgen en te behouden. Omdat ik zelf maar een kleine oogst heb is het voor mij niet rendabel een keurmerk aan te vragen, terwijl ik er meer dan gemiddeld aan voldoe. Voor kleinere producenten wordt de toegang tot de markt daarmee beperkt.

 

Eerlijke handel – Dag 6

Vanavond geef ik bij de gemeente Buren een workshop over fairtrade in het kader van de Campagne Fairtrade Gemeente. De ambities zijn hoog want de gemeente Buren wil nog dit jaar de titel Fairtrade Gemeente halen. Dat betekent even flink aanpoten voor de werkgroep. Zelf ben ik eerder betrokken geweest bij de campagne van de gemeente Culemborg en heb ik er mede voor gezorgd dat zij in 2010 de titel kreeg.

Fairtrade CulemborgOm zelfvoorzienend te worden is handel drijven met het buitenland niet nodig zou je zeggen. Maar hoe moet dat dan met mijn dagelijkse onmisbare kopjes koffie en thee? Niet meer drinken is geen optie dan schieten we te ver door naar het verleden dat we al lang achter ons gelaten hebben. Maar we moeten ons realiseren dat niet alles wat we eten en drinken in Nederland verbouwd kan worden zoals rijst, diverse vruchten en kruiden. Daar is internationale handel voor nodig, maar ik kies er wel voor dat het daarbij om eerlijke handel gaat.

Eerlijke handel is de handel waarbij de boer een eerlijke prijs betaald krijgt voor zijn product. En daar is door de eeuwen heen veel mis gegaan. Veel producten uit ontwikkelingslanden zijn onderbetaald geweest waardoor de bevolking ter plaatse geen goed duurzaam bestaan heeft kunnen opbouwen. Het Westen heeft al sinds de 17e eeuw veel producten en grondstoffen uit ontwikkelingslanden gehaald, maar de honger en armoede zijn daar nog steeds niet uitgebannen.

Vanaf de jaren ’50 zijn we gaan inzien dat we ‘de derde wereld’, zoals we dat toen noemden, te weten de landen naast de machtsblokken NAVO en Warschaupact, moesten helpen ontwikkelen. Toen ik op de kleuterschool zat kreeg ik geregeld een dubbeltje mee voor de arme zwarte kindjes met de dikke hongerbuikjes in Biafra. Blijkbaar heeft dat toen al zo’n indruk gemaakt want het is een van de weinig dingen die ik mij uit die tijd herinner.

Al jaren zijn er talloze non-profit- en goede doelenorganisaties bezig met ontwikkelingswerk. In mijn ogen is het geld geven aan deze organisaties eigenlijk niets anders dan het afkopen van ons schuldgevoel omdat we delen van de wereld door de eeuwen heen hebben uitgebuit. Maar het louter geven van geld is de weg van de minste weerstand en lost eigenlijk helemaal niets op. De rijke landen werpen zich op als weldoener (verdienen er zelf ook nog goed aan) en de ontwikkelingslanden worden in gijzeling gehouden door hun afhankelijkheidspositie, waarbij ook nog eens veel geld naar de machthebbers gaat en de echte armen alsnog met lege handen achterblijven.

Onze overheid is ook al decennia lang bezig met ontwikkelingssamenwerking. Maar vanwege de crisis staat deze hulpploumen-nov12 onder druk omdat er (te) veel geld gaat naar arme landen terwijl de armoede in ons eigen land oploopt. Daarom vind ik het heel belangrijk dat we niet slechts geld geven maar dat we daadwerkelijk gaan samenwerken in een eerlijke handelsrelatie. De rol van minister Lilianne Ploumen is in dit opzicht al duidelijk een stap in de goede richting.

Door mijn betrokkenheid bij de activiteiten van Fairtrade ben ik gaan inzien dat ontwikkelingssamenwerking anders kan. De fairtradeorganisatie betaalt een eerlijke prijs en helpt boeren ter plaatse om de kwaliteit van hun product te verhogen en biedt de gemeenschap de mogelijkheden hun welvaart te verbeteren. Een pure win-win situatie. Door het kopen van fairtrade producten zijn we heel direct en actief in staat om iets terug te doen en helpen we de armoede in de wereld te verminderen.

Dus ook eerlijke handel hoort in mijn activiteiten om de wereld een beetje mooier te maken.