Biologisch is geen voorwaarde voor de biodiversiteit – Dag 348

Biologische landbouw kent nogal wat verschillende methoden die niet zo makkelijk onder een noemer te brengen zijn. Ik vind het zo op het eerste gezicht ook lastig te onderscheiden van niet-biologische teelt. Er mag dan op een milieuvriendelijke manier geteeld worden met oog voor de natuur en het welzijn van mens en dier, toch is er vooral sprake van eenzijdige teelt. Ook biologische teelt vormt een monocultuur waarmee de biodiversiteit niet geholpen is.

Permacultuur - monocultuurHoe anders is dat bij de permacultuur waarbij juist de biodiversiteit voorop staat en de massale opbrengst van bepaalde gewassen van ondergeschikt belang is. In de permacultuur heeft de natuur de vrije loop en brengt op een natuurlijke manier voedsel voort. Het is vooral ook de combinatie van gewassen die het geheel vruchtbaarheid geven en een natuurlijke kringloop vormen.

Voor mij is dit ook nog een hele zoektocht, want tot nu toe ben ook ik gewend om per bed één soort groente te kweken. Ik vraag mij wel eens af of ik al die gewassen wel ga herkennen als ze zo in de vrije natuur beschikbaar zijn. Dat is natuurlijk ook een proces waar ik in moet groeien en dat niet van het ene op het andere moment aan komt waaien.

Op mijn zoektocht naar de activiteiten van Sicco Mansholt zoals in mijn blogje van twee dagen geleden en vooral over de ruilverkaveling en de rol van de boeren in het huidige landbouwbeleid kwam ik een filmpje tegen van milieuactivist Jaap Dirkmaat, die zich al jaren inzet voor de biodiversiteit en het behoud van de das en de korenwolf in het bijzonder. Hij is er heel duidelijk over de biologische landbouw is nog lang niet waar het wezen moet. Vooral door de ruilverkaveling en de door de subsidiering ontstane monocultuur zijn de boeren en de natuurbeschermers van elkaar vervreemd geraakt.

Mijn grootste wens is om met mijn permacultuurproject zodanig tot samenwerking te komen met mijn omgeving dat er een win-win situatie gaat ontstaan voor iedereen. Nu nog mogen agrarische ondernemers de natuur vervuilen als dat nodig is voor hun bedrijfsvoering. Ze mogen met niet wenselijke pesticiden werken, kunstmest gebruiken, hout verbranden in de open lucht, de natuur veranderen als dat beter uitkomt en bomen kappen. In mijn eigen gemeente, van oudsher agrarisch, heb ik het gevoel als eenling een roepende in de woestijn te zijn. Maar toch laat ik mij niet uit het veld slaan en blijf ik mij er voor inzetten. Ik ben ervan overtuigd dat als ons eetbare landschap zichtbaar wordt het navolging gaat krijgen.

Zie hier de no nonsens boodschap van Jaap Dirkmaat. Ook leuk om te vermelden is dat hij nog lijsttrekker is geweest van De Groenen voor de Tweede Kamerverkiezingen in 1998.

 

Wat is duurzaamheid? – Dag 40

Duurzaamheid is een lastig begrip. Vroeger betekende duurzaam “iets wat lang meegaat”. Maar door de economische principes, ontstaan in de jaren ’90, moet een product juist niet lang mee gaan. Door marketing wordt ons wijs gemaakt dat we het nieuwste van het nieuwste moeten hebben, anders tellen we niet mee. Dus worden we aangezet tot nieuwe aankopen terwijl datgene wat we al bezitten nog best functioneert en nog wel jaren meekan. Maar ja dat is vaak niet hip!

Onze consumptiemaatschappij is ver weg geraakt van duurzaamheid. Daar werd al op gewezen in 1972 door de Club van Rome die met een rapport kwam waarin gewaarschuwd werd dat langdurige consumptiegroei nadelige gevolgen zou hebben voor het milieu. Men constateerde dat er grenzen waren aan de groei. De mensen die zich met het milieu bezighielden – veelal aangeduid als geiten-wollen-sokken figuren – werden echter niet serieus genomen.

Vintage kleding en spullen

Vintage kleding en spullen

Pas met de film van Al Gore “An Inconvenient Truth” begonnen we een beetje wakker te worden. Inmiddels is duurzaamheid: zorg voor het milieu, het klimaat en de planeet en is het niet meer alleen een onderwerp van activisten of de eenzame zonderling, maar begint het een levensstijl te worden. En dat is goed nieuws! Veel en onnodig consumeren begint steeds minder hip te worden. De moestuin is in. Recyclen van afval daar doen we allemaal aan mee. Vintage oftewel tweedehands is een heuse modetrend. Iedere dag vlees eten is steeds minder vanzelfsprekend. En de jeugd van tegenwoordig is minder geneigd tot de aanschaf van een auto. Er zit dus een duidelijke beweging in de omslag naar een meer groene economie.

Maar er zijn ook nog onderwerpen die voor verbetering vatbaar zijn. Nederland loopt bijvoorbeeld erg achter bij de buurlanden als het gaat om duurzame energie. Waren wij vroeger bekend om de windmolens nu lijkt het er vaak op of we er niets meer van willen weten. Een gemiste kans, we hadden onze historische reputatie juist moeten uitbuiten.

Hoewel wij een gasrijk land zijn is gas niet oneindig, dus zullen wij ons moeten voorbereiden op nieuwe mogelijkheden. De huidige kolencentrales zijn aan het experimenteren met het verstoken van biomassa in plaats van kolen. Biobrandstof lijkt misschien een mooi alternatief voor fossiele brandstof, maar daar kleeft ook weer een keerzijde aan. Op sommige plaatsen in de wereld neemt de biobrandstoffen de landbouwgronden in beslag en verdringt daarmee de mogelijkheden om voedsel te verbouwen.

We zullen nog een hele slag moeten maken, vooral als het gaat om onze vleesconsumptie, want voor het produceren van vlees is nog altijd veel energie noodzakelijk. En als we de gezondheidsrapporten mogen geloven is het consumeren van teveel eiwitten helemaal niet zo gezond. Ook hiermee wordt de fundering gelegd om de hoeveelheid dierlijke consumptie te laten afnemen.

BroodroosterOns economisch systeem is door de globalisering ook sterk veranderd. Veel arbeidsintensief werk is verplaatst naar de zogeheten lagelonenlanden. Steeds meer productieprocessen zijn daardoor goedkoper geworden. Het is nu zelfs goedkoper om een broodrooster te vervangen dan te laten repareren. Onze handarbeid is te duur geworden. Toch beginnen we in te zien dat grondstoffen schaars zijn waardoor we na moeten denken hoe we in de toekomst met consumptie om willen gaan.

Was vroeger arbeid schaars en producten als olie rijkelijk beschikbaar, zien we daarin nu het tegenovergestelde. Daarom zal de overheid iets aan de belastingen moeten veranderen. Als de belasting op (schaarse) grondstoffen wordt verhoogd en de belasting op arbeid wordt verlaagd dan wordt het niet alleen rendabel om de kapotte broodrooster te laten repareren, maar wordt ook biologische landbouw goedkoper omdat het arbeidsintensiever is. En is dat niet heel duurzaam?